Artikelen over DUITSLAND
Economie en Toerisme
Algemeen

Duitsland heeft zich na de Tweede Wereldoorlog in snel tempo ontwikkeld tot een van de belangrijkste industrielanden ter wereld. Het bruto nationale product (bnp) per hoofd van de bevolking behoort met o.a. dat van de Verenigde Staten en Japan tot de hoogste ter wereld en de Duitse Mark (nu: euro) behoorde tot de meest waardevaste valuta ter wereld.
Duitsland heeft een sociale markteconomie waarin de staat in grote lijnen leiding geeft, maar geen directe bemoeienis heeft met zaken als de loon- en prijsvorming. Door het Kartellgesetz uit 1957 wordt de concurrentie beschermd tegen onderlinge afspraken tussen ondernemingen. Door een veelomvattende sociale wetgeving is de arbeidsvrede goeddeels bewaard gebleven. De leiding door de staat komt o.a. tot uiting in de Konzertierte Aktion, een tripartite-overleg tussen de overheid, werkgevers- en werknemersorganisaties om conjunctuurbeleid te voeren. In de tweede helft van de jaren negentig kreeg Duitsland te kampen met grote werkloosheid, stagnatie van de groei en hoge begrotingstekorten, mede als gevolg van het snelle proces van eenwording en de enorme kostenpost die dat opleverde.
Het bnp steeg van 163,5 miljard euro in 1960 tot 1761 miljard euro in 1995. Ondanks de prijsstijgingen bleef de productie stijgen. Bijna de helft van het bnp was afkomstig van industrie en mijnbouw, terwijl het aandeel van de agrarische sector de afgelopen tientallen jaren sterk terug liep. De dienstensector daarentegen vervijfvoudigde.
Het inkomen per hoofd van de bevolking steeg van 2215 euro in 1960 tot 23.110 euro in 1994. De miljoenen vluchtelingen uit de Duitse Democratische Republiek (DDR) droegen wezenlijk bij tot het “Wirtschaftswunder”. De economische hervormingen verlopen echter moeizaam. Duitsland kampt o.a. met een dure verzorgingsstaat, hoge loonkosten en grote uitgaven aan het achtergebleven oosten. Na de inzinking van 1996 groeide de economie in 1997 echter weer met ruim 2% en bleef de inflatie daaronder. De werkloosheid bleef echter stijgen en bereikte eind 1997 een naoorlogs record van 11,8%. Het cijfer in het oosten, met 20%, ligt bijna tweemaal zo hoog lag als in het westen.
Aandeel sectoren in bruto binnenlands product (BBP) in 2001:
Landbouw en visserij 1,2%
Industrie, mijnbouw, energie 25,2%
Bouw 4,7%
Financiële en zakelijke dienstverlening 30,0%
Distributie, catering, transport en telecommunicatiw 17,8%
Publieke en overige private diensten 21,1%
Landbouw, veeteelt, bosbouw en visserij
Hoewel de agrarische sector nog maar iets meer dan 1% bijdraagt aan het Duitse nationale product dekt de productieve, sterk gemechaniseerde landbouw meer dan driekwart van de binnenlandse behoefte aan agrarische producten. Het totale aantal landbouwbedrijven neemt in Duitsland af terwijl de gemiddelde bedrijfsgrootte in het hele land toeneemt. Op dit moment zijn er nog meer dan 400.000 landbouwbedrijven waarvan ca. 95% eenmanszaken zijn. In 1999 bedroeg de bedrijfsomvang gemiddeld 46,8 hectare. De kleinste bedrijven (33,2 ha) zijn te vinden in Zuid-Duitsland en dan met name in Beieren. De grootste bedrijven bevinden zich in de Oost-Duitse deelstaat Mecklenburg-Vorpommern met een gemiddelde omvang van 220 ha. De belangrijkste landbouwdeelstaat is Nedersaksen. Op dit moment zijn er nog ca. 1,4 miljoen mensen werkzaam in de landbouw en samen produceerden zij in 1999 voor ongeveer 43,5 miljard euro.
De hoofdproducten van de akkerbouw zijn granen (vooral in het laagland in het noorden, Münsterland, Oberpfalz en Beieren), aardappelen, suikerbieten (in de driehoek Hannover-Brunswijk-Kassel), en fruit, groente en wijn.
Driekwart van de landbouwbedrijven is georganiseerd in coöperaties en gespecialiseerde kippen-, varkens- en rundermesterijen worden zeer rationeel gedreven. Ondanks herverkaveling overheerst nog het kleinbedrijf en de grote bedrijven liggen vooral in het noordwesten.
De belangrijkste Duitse deelstaten voor de bosbouw zijn Beieren, Baden-Württemberg, Hessen, Rheinland-Pfalz, Pommeren, Thüringen en het Saksische bergland. Bijna eenderde deel van Duitsland (10,3 miljoen ha) is met bos bedekt en behalve voor de houtwinning is het bos van groot belang voor de recreatie en de milieubescherming.
Op plaatsen waar men bomen kapt is men wettelijk verplicht nieuwe bomen te planten. In de jaren tachtig constateerde men steeds meer schade aan de bossen ten gevolge van de zure regen. Met behulp van nationale en internationale maatregelen probeert Duitsland tot vermindering van de luchtvervuiling te komen.
De visserij is de laatste jaren sterk gemoderniseerd maar o.a. door de vangstbeperkingen, opgelegd door de EG, worden zowel de diepzee-, kotter-, als kustvisserij in hun voortbestaan bedreigd. Ook de import van zeer goedkope vis uit de voormalige Oostbloklanden bemoeilijkt de Duitse afzet.
De Duitse vissersvloot van meer dan 2000 schepen ving in 1998 ca. 270.000 ton vis met een omzet van 188 miljoen dollar. De Noordzee is met 36% van de totale vangst de belangrijkste zee voor Duitse vissers. Andere belangrijke visgebieden zijn de Oostzee, de kust van Groenland en de gebieden rond Groot-Brittannië. De belangrijkste afzetlanden zijn Nederland, Spanje, IJsland en Denemarken.
Mijnbouw en energievoorziening

De Duitse bodem is uitgesproken arm aan grondstoffen en kent bijvoorbeeld zeer bescheiden hoeveelheden ijzererts, aardolie en aardgas. Daarentegen zijn de voorraden steenkool, bruinkool en zout overvloedig aanwezig, maar de winning daarvan is vanwege de hoge loonkosten nauwelijks of niet rendabel.
Steenkool wordt vooral gedolven in het Ruhrgebied en het Saarland, bruinkool bij Helmstedt en Keulen en rond de Oost-Duitse steden Leipzig, Halle, Dresden en Cottbus. De winning en het gebruik van bruinkool als brandstof heeft in die gebieden voor ernstige milieuproblemen gezorgd. Gelukkig voor het milieu neemt aardgas in de nieuwe bondslanden de functie van bruinkool over. Zout wordt gewonnen bij o.a. Fulda.
In de energiebehoefte wordt door aardolie, aardgas, steenkool en kernenergie voorzien. Rijke aardgasvondsten werden gedaan in Oost-Friesland. Het aardgas dekte in 1987 15% van de totale energiebehoefte, waarvan 28% uit binnenlandse bronnen. Ca. 30% van het geïmporteerde aardgas komt uit Nederland. Het gebruik van kernenergie neemt nog steeds toe, ondanks opslag-, veiligheidsproblemen en politieke tegenstand. De opslag van het radioactieve afval in Noord-Duitsland heeft tot omstreden transporten geleid.
Industrie
West-Duitsland

Opmerkelijk is de geconcentreerde structuur met sterke horizontale en verticale vervlechtingen van bedrijven, waardoor grote concerns ontstonden. Meer dan de helft van de industriële bedrijven heeft minder dan 50 werknemers en maar 5% bestaat uit bedrijven met meer dan 500 werknemers. Meer dan de helft van alle werknemers werkt in deze grootbedrijven en die leveren ook ruim de helft van de totale industriële productie. Het grootbedrijf komt vooral voor in de steenkool-, staal-, aardolie-, chemische en automobielindustrie. De belangrijkste primaire bedrijfstak is de chemische industrie (Hoechst, BASF en Bayer) met ca. 500.000 werknemers. Zeer belangrijk zijn verder de machine- en apparatenfabricage en de productie van transportmiddelen.
Na de Verenigde Staten en Japan is Duitsland wereldwijd de derde producent van personenauto's. De elektrotechnische industrie en de productie van bureaumachines en computers staan op een hoog peil en in deze bedrijfstak werken meer dan een miljoen mensen. Van de verbruiksgoederenindustrie zijn vooral de textiel en bekleding van belang. Duitsland is West-Europa's grootste producent van o.a. ruw ijzer en ruw staal, walserijproducten en van katoenen garens en weefsels. In het Ruhrgebied domineert de zware industrie, en dit gebied is al vele decennia lang het zwaartepunt van de West-Duitse economie.
Nog voor de hereniging van de beide Duitslanden waren al diverse samenwerkingsverbanden tussen de West- en Oost-Duitse industrie tot stand gekomen. In maart 1990 werd de Treuhandanstalt, de organisatie die de privatisering van de Oost-Duitse staatsbedrijven zou coördineren, opgericht.
Oost-Duitsland
Eisenhüttenstadt is de belangrijkste zetel van de zware industrie. De stad ligt aan de Oder, waardoor veel van de ruwe grondstof over water kan worden aangevoerd en het gietijzer kan worden afgevoerd. Een ander centrum van gietijzerproductie is Calbe aan de Saale, waar de ijzerertsen (met een laag gehalte) van het Harzgebergte en cokes van bruinkool worden verwerkt. In weerwil van de bereikte resultaten blijft het grote manco dat de metaalverwerkende industrieën geen eigen grondstoffenbasis hebben, waardoor zij in een kwetsbare positie verkeren. Machinebouw, metaalindustrie, chemische industrie en textielnijverheid zijn de belangrijkste bedrijfstakken. De geografische spreiding van de industrie is in grote lijnen als volgt:
machinebouw en metaalindustrie voornamelijk in Saksen en Thüringen (Chemnitz, Magdeburg, Leipzig, Weimar, Dresden);
automobielindustrie in Eisenach, Zwickau en Brandenburg;
scheepsbouw in Rostock;
lichte metaalindustrie in Thüringen;
optische industrie in Jena en Dresden;
elektrotechnische industrie in Leipzig, Erfurt en Dresden;
chemische industrie vooral in het gebied van Leuna-Schkopau-Bitterfeld, in Berlijn en Dresden;
textielindustrie in het gebied (Chemnitz)-Zwickau-Plauen;
rubberindustrie te Gotha, Leipzig en Riesa;
voedings- en genotmiddelenindustrie in Thüringen (vleeswaren) en Saksen-Anhalt (conserven).
Diverse economische sectoren
Bouw en infrastructuur
Begin jaren negentig profiteerde deze sector van de vele wederopbouwprojecten in het oosten van Duitsland. Ook de grotere vraag in het westen naar woningen door de migranten uit het oostelijke deel van Duitsland zorgde voor veel bouwactiviteiten. Sinds 1995 bevindt de bouwsector zich echter in een dip, met name de woningbouwsector. In 2000 bedroeg de omzet in de branche 98,6 miljard euro, een daling van 5% t.o.v. 1999.
In totaal zijn er ca. 80.000 ondernemingen actief in de bouwsector, waarvan driekwart bestaat uit kleine ondernemingen met minder dan 20 werknemers. In totaal werken er nog ca. 1 miljoen mensen in de bouwsector. Sinds begin jaren negentig is het aantal arbeidsplaatsen sterk gedaald. Een van de oorzaken zijn de hoge lonen waarmee de Duitse bouwsector werkt. Bij grote bouwprojecten wordt nu veel gewerkt met buitenlandse aannemers die werken met goedkope Oost-Europese bouwvakkers.
Chemie en kunststoffen
Duitsland staat na de Verenigde Staten en Japan op de derde plaats van grootste chemieproducenten van de wereld. De chemische industrie behaalde in 2000 een omzet van bijna 109 miljard euro, en dat was een groei t.o.v. 1999 van 12,3%. De productie van chemische grondstoffe neemt in Duitsland met bijna 50% de eerste plaats in. Daarna komen de farmaceutische producten met bijna 20% en verven, kitten en inkt met 8%.
De branche telt ca. 470.000 werknemers en is daarmee de op vijf na grootste werkgever in Duitsland. In totaal zijn er ongeveer 1750 bedrijven, waarvan maar ca. 10% meer dan 500 werknemers heeft. De belangrijkste chemiebedrijven zijn BASF, Bayer, Degussa-Hüls, Celanese en Procter & Gamble.
Levensmiddelendetailhandel
In vergelijking met de rest van Europa heeft deze branche zich afwijkend ontwikkeld. Bijna alle grote bedrijven richten zich namelijk op het lagere segment van de markt. Discountzaken en dan met name de komst van Aldi op de Duitse markt heeft een grote invloed gehad op de levensmiddelendetailhandel, die daardoor een zeer hoge prijsconcurrentie kent.
In 2000 bedroeg de omzet meer dan 185 miljard euro voor zowel levensmiddelen (127 miljard) als de non-foodsector (58 miljard). De Duitse top-5 had in 2000 een marktaandeel van ongeveer 65% en door een verdere concentratie zal dit naar verwacht in 2010 oplopen naar 82%.
Banksector

De Bundesbank is de centrale bank van Duitsland en onder andere verantwoordelijk voor de afwikkeling van het binnen- en buitenlandse betalingsverkeer, de voorziening van bankbiljetten en muntgeld en is de huisbank van de staat en de Bundesländer. De negen Landeszentralbanken treden op als hoofdvestigingen van de Bundesbank met verregaande zelfstandigheid en een eigen verantwoordelijkheid.
Verder zijn er nog:
- Privaatrechtelijke grote banken die op alle terreinen van de financiële dienstverlening actief zijn.
- Publiekrechtelijke spaarbanken kennen de grootste spreiding in Duitsland en richten zich vooral op de dienstverlening aan zowel particulieren als het midden- en kleinbedrijf.
- De Volks- und Raiffeisenbanken (zgn. coöperatieve banken) richten zich vooral op het platteland.
- Kleinere en middelgrote handelsbanken; Bausparkassen; gespecialiseerde instellingen als investeringsbanken, hypotheekbanken en scheepshypotheekbanken.
De top-5:
1. Deutsche Bank AG
2. Hypo- und Vereinsbank AG
3. Dresdner Bank AG
4. West LB
5. Commerzbank AG
Elektronica-industrie
In 2000 groeide de omzet van de elektrotechniek- en elektronicabranche met 15% tot 161 miljard euro en de productie steeg met 11%. De export naar Zuidoost-Azië, Midden- en Oost-Europa en de Verenigde Staten nam het grootste deel van de groei voor zijn rekening. Tot de groeisegmenten behoren de elektronische componenten, halfgeleiders, producten en systemen voor automatisering, aandrijvingssystemen, schakelapparatuur, schakelsystemen en industriële besturingssystemen.
Top 10 Duitse elektronica-industrie:
1. Siemens
2. Bosch
3. Philips Duitsland
4. ABB Duitsland
5. Alcatel Duitsland
6. Hella
7. Miele
8. Electrolux Duitsland
9. Braun
10.Grundig
Energiesector
De belangrijkste energiedragers voor het opwekken van elektriciteit zijn kolen en bruinkool. Meer dan de helft van de primaire energie moet echter ingevoerd worden, waaronder vrijwel alle olie. Het elektriciteitsgebruik bedraagt jaarlijks 500 miljard kWh, waarvan 40% door aardolie wordt gedekt, 20% door gas en ongeveer 10% door kernenergie. Het Duitse gasverbruik groeit nog steeds tot naar verwachting ca. 84 miljoen ton in 2010 (1998: 77,8 miljoen ton). De belangrijkste gasleveranciers voor Duitsland zijn Rusland, Noorwegen en Nederland.
Op dit moment zijn er ongeveer 150.000 werknemers werkzaam in deze branche.
Machine-industrie
De machine- en apparatenbouw telde in 1999 meer dan 900.000 werknemers en er waren toen ca. 6000 bedrijven actief. Deze sector is daarmee de grootste deelsector in de verwerkende industrie. De totale omzet ligt rond de 250 miljard mark waarvan ca. 160 miljard mark in het buitenland gegenereerd wordt.
In 1999 had Duitsland een wereldmarktaandeel van 20,8% en stond daarmee op de eerste plaats. De belangrijkste exportlanden zijn de Verenigde Staten, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië en Nederland.
Mijnbouw
Duitsland heeft grote voorraden steen- en bruinkool en is met ca. 150 miljoen ton de grootste bruinkoolproducent ter wereld. De steenkoolbekkens liggen vooral in het noordelijke Ruhrgebied en in Saarland. Er zijn nog 15 mijnen in operatie en rond 2005 zullen er nog ongeveer 10 mijnen open zijn. Op dit moment zijn er nog ca. 170.000 arbeiders werkzaam in de mijnbouw.
De dure, sterk gesubsidieerde kolenproductie loopt de laatste jaren sterk terug en ook voor de komende jaren wordt met een verdere vermindering van de productie rekening gehouden. In de kolenindustrie is zowel het private bedrijfsleven als de overheid actief. De situatie voor de bruinkoolindustrie is wat gunstiger omdat de winning en de productie goedkoper en dus rendabeler is. De dagbouwproductie van de bruinkool veroorzaakt echter enorme schade aan het landschap en is aan sterke kritiek onderhevig.
Verder is Duitsland arm aan delfstoffen.
Automobielindustrie

De Duitse automobielindustrie is de grootste van Europa met een marktaandeel van ca. 17%. In 2000 telde deze industrietak meer dan 740.000 werknemers en zijn meer dan 5 miljoen mensen direct of indirect professioneel betrokken bij de automobielindustrie. De Duitse automobielindustrie is vooral geconcentreerd in de deelstaten Hessen, Beieren, Baden-Württemberg, Noordrijn-Westfalen, Thüringen en Saksen.
In 2000 behaalde men een wereldwijde omzet van 188 miljard euro, waarvan 110 miljard euro in het buitenland verdiend werd. De voornaamste exportlanden zijn Italië, Groot-Brittannië, Verenigde Staten en Frankrijk.
Top-5 Duitse automobielindustrie naar omzet:
1. DaimlerChrysler
2. Volkswagen
3. BMW
4. Adam Opel
5. Ford
Biotechnologie
De biotechnologie is een belangrijke groeimarkt, maar heeft nog geen 1% van de totale omzet in de chemische industrie. Toch is de Duitse biotechnologiesector de op twee na belangrijkste in de wereld na de Verenigde Staten en Groot-Brittannië.
In 1999 waren er 279 Duitse biotechbedrijven, ongeveer 50 meer dan in 1998. De belangrijkste biotechnologiecentra in Duitsland zijn te vinden in de regio’s rond München, Berlijn, Heidelberg en Mannheim.
ICT-sector (informatie-communicatie-telecommunicatie)
De Duitse ICT-sector is de derde grootste markt in de wereld na de Verenigde Staten en Japan, met een aandeel van 5,7%. De totale omzet van de sector bedroeg in 2000 ca. 115 miljard euro. Er werken ca. 750.000 mensen in de ICT-sector.
Het aantal internetgebruikers steeg in Duitsland explosief van 12,2 miljoen in 1999 naar 22,9 miljoen in 2000.
In bijna 1 op de 2 Duitse huishoudens staat een computer (totaal 28 miljoen pc’s).
Duitsland heeft de grootste telecommunicatiemarkt van Europa en is de derde grootste markt ter wereld. Er zijn in Duitsland ca. 55 telefoonlijnen per 100 inwoners en het land is koploper in Europa op het gebied van ISDN-aansluitingen. De mobiele telefonie is een van de snelst groeiende deelsectoren; eind 2000 bezat 58% van de Duitse bevolking een mobiele telefoon. Men verwacht dat in 2003 bijna alle Duitsers minimaal één mobiele telefoon bezitten.
Handel
De gezamenlijke waarde van in- en uitvoer steeg van 19,7 miljard DM in 1950 tot meer dan 1764 miljard DM in 1998, daarmede de tweede plaats bereikend in de wereldhandel, na de Verenigde Staten. De handelsbalans vertoont een aanzienlijk overschot; tot 1991 was het zelfs groter dan dat van Japan (134,7 miljard in 1989; sinds de hereniging teruggevallen op 22 miljard in 1991, opgeklommen naar 136 miljard in 1998). De dienstenbalans vertoont daarentegen een groot negatief saldo, vooral door het Duitse toerisme in het buitenland en de export van DM door buitenlandse werknemers. Geëxporteerd worden vooral machines, auto's, elektrotechnische en chemische producten. Bij de invoer spelen vooral voedings- en genotmiddelen, aardolie en aardgas een rol. Binnen de Europese Gemeenschappen is de handel sterk toegenomen.
De belangrijkste handelspartners van Duitsland zijn westelijke, vaak Europese industrielanden. Meer dan de helft van de opbrengst van de buitenlandse handel is afkomstig uit handel met EU-lidstaten. Ook de handel met Midden- en Oost-Europese landen als Rusland, de Baltische staten, Polen en Tsjechië nemen steeds meer toe. Buiten Europa zijn de Verenigde Staten en Japan de belangrijkste handelspartners en ook de handel met andere Aziatische landen en landen rond de Stille Zuidzee wordt steeds intensiever. De waarde van de Duitse handel met Nederland bedroeg in 2001 85,6 miljard euro.
Import uit Nederland naar Duitsland in miljarden euro’s (2001):
1998 35,5
1999 36,1
2000 44,7
2001 46,3
Export vanuit Duitsland naar Nederland in miljarden euro’s (2001):
1998 35,2
1999 34,4
2000 39,0
2001 39,3
Voornaamste handelspartners in 2001 in miljarden euro’s:
Uitvoer Invoer
Frankrijk 70,7 Frankrijk 51,7
Verenigde Staten 67,3 Nederland 46,3
Verenigd Koninkrijk 53,3 Verenigde Staten 45,5
Italië 47,5 Verenigd Koninkrijk 45,5
Nederland 39,3 Italië 35,7
Oostenrijk 32,6 België 28,4
Verkeer

De grootste transportonderneming is de Deutsche Eisenbahn A.G. (DEAG), sinds 1994 geprivatiseerd. In 2002 beschikte Duitsland over 41.8100 kilometer rail, waarvan bijna 20.000 kilometer is geëlektrificeerd.
In 1999 werden ruim 1,9 miljard reizigers vervoerd en het totale aantal afgelegde personenkilometers bedroeg 73,6 miljard. Slechts 20% van het personenverkeer geschiedt met openbaar vervoer.
In 1999 werd er bijna 290 miljoen ton goederen vervoerd, een daling van 6,8% ten opzichte van 1998. In het algemeen is er een tendens dat er steeds minder goederen per spoor vervoerd worden. Dit komt vooral door de daling van transportopdrachten uit de mijnbouw.
De vrachtwagen is het belangrijkste transportmiddel voor het binnenlands transport. In de jaren vijftig was de spoorwegen nog de belangrijkste vervoerder, gevolgd door de binnenvaart en dan pas het wegtransport. Het vrachtautovervoer verzorgt nu 80% van alle goederentransport met een jaarlijkse capaciteit van 3 miljard ton goederen. Het wegennet meet ca. 321.000 km, waarvan ruim 11.309 km Autobahn.
De zeescheepvaart, met als belangrijkste havens Hamburg, Wilhelmshaven, Bremen, Bremerhaven, Lübeck, Kiel, Rostock, Wismar en Stralsund is van groot belang voor de Duitse economie. In 1999 werd er 217 miljoen ton omgeslagen via de Duitse zeehavens (138 miljoen ton uit het buitenland), 1,4% meer dan in 1998. Belangrijke ontvangst- en bestemmingslanden zijn Groot-Brittannië, Denemarken, Noorwegen, Zweden en Nederland. De Duitse koopvaardij beschikt over ca. 1400 schepen met een laadvermogen van ongeveer 7 miljoen ton bruto registerton.
De binnenvaart op rivieren en kanalen (2002: 6500 km bevaarbaar) is zeer druk; ruim 60% van de binnenvaart geschiedt over de Rijn, het drukste binnenwater in Europa. De belangrijkste havens zijn hier Duisburg, Keulen, Mannheim, Karlsruhe en Ludwigshafen. Duisburg is de grootste binnenhaven van Europa. In 2000 werd er door de binnenvaart bijna 230 miljoen ton goederen vervoerd (1999: 236,3 miljoen ton) Aarde, stenen en steenkool zijn de belangrijkste producten voor de binnenvaart. Het vervoer per container wordt steeds belangrijker (1999: 750.000 containers).
Top-10 Duitse binnenhavens naar goederenomslag:
Duisburg
Keulen
Hamburg
Mannheim
Ludwigshafen
Karlsruhe
Heilbronn
Berlijn
Frankfurt am Main
Neuss
De binnenvaart beschikt over een vloot van ca. 3000 schepen en is een relatief goedkoop en milieuvriendelijk transportmiddel. Na het wegvervoer en spoorwegvervoer neemt de binnenvaart de derde plaats in bij het goederenvervoer.
De luchtvaart wordt verzorgd door de Deutsche Lufthansa A.G. (opgericht in 1953) te Keulen. De belangrijkste luchthaven is Frankfurt am Main, gevolgd door Düsseldorf, Hamburg, München, Hannover, Stuttgart, Keulen, Neurenberg en Bremen. Er zijn drie luchthavens te Berlijn, Tegel in het westen, Schönefeld in het oosten en Tempelhof in het zuiden van de stad.
Het luchtvervoer wordt in Duitsland steeds belangrijker. Het aantal luchtpassagiers stijgt nog steeds fors, in 1999 waren er 92 miljoen internationale luchtreizigers die in Duitsland landden of vertrokken. De belangrijkste vliegbestemmingen van de Duitsers waren in 1999 Spanje (Mallorca en de Canarische eilanden), Groot-Brittannië, Verenigde Staten, Turkije, Griekenland, Italië en Frankrijk.
Verder werden er in 1999 ook nog 17,7 miljoen binnenlandse luchtreizigers geregistreerd. De belangrijkste binnenlandse luchtverbindingen zijn Frankfurt-Berlijn (Tegel), München-Düsseldorf, Frankfurt-Hamburg, Frankfurt-München en München-Berlijn.
Belangrijkste luchthavens van Duitsland in 1999:
Luchthaven starts en landingen passagiers vracht (x1000 ton)
Frankfurt am Main 426.000 45.349.000 1399,4
München 277.000 20.983.000 114,9
Düsseldorf 178.000 15.815.000 60,9
Hamburg 130.000 9.340.000 35,5
Keulen/Bonn 130.000 5.882.000 387,1
Berlijn (Tegel) 118.000 9.515.000
Stuttgart 118.000 7.568.000 20,3
Toerisme

Duitsland is een zeer populaire vakantiebestemming en de toeristische sector boekt elk jaar weer nieuwe records. In 1999 bedroeg het aantal overnachtingen (géén campingovernachtigingen) 308 miljoen, bijna 5% meer dan in 1998. Van deze 308 miljoen overnachtingen werd ca. 9% geboekt door buitenlanders. De belangrijkste herkomstlanden van de buitenlandse reizigers zijn Nederland, de Verenigde Staten en Groot-Brittannië.
Beieren blijft qua overnachtingen de Duitse topbestemming, op grote afstand gevolgd door Baden-Württemberg. De belangrijkste vliegbestemmingen voor de Duitsers zelf zijn Spanje (in 1998 totaal negen
DUITSLAND LINKS
• Berlijn.nl - Voordelige stedentrips en hotels
• Wonen in Duitsland - Droomhuisduitsland.com
• Berlijn Hotels
• Hamburg Hotels
• Vakantie Duitsland info op Reisgraag.nl
• Heerlijke weekendjes weg in Duitsland - klik hier
• De mooiste vakantiehuisjes in Duitsland boek je hier
• Werelds.nl - Online reisbureau
• Duitsland.nl - alles van Duitsland
• Vakantie-wintersport.nl - online wintersport reisbureau
• Duitsland Hypotheek
• Duitsland Hotels
• Stedenreis Berlijn
• PropertyPortal.nl - Dé Portal voor wonen en het kopen van een tweede huis in Duitsland
Berlijn Cityspotters (N)
Berlijn Fotoreportage
Berlijn Reisforum (N)
Berlijn Reisstart (N+E)
Berlijn Tips (N)
Bremen Reisverslag (N)
Camperplaatsen Duitsland (N)
Campersite Duitsland (N)
Duitsland 1World2Travel (E+N)
Duitsland Beste Links (N)
Duitsland Boogolinks (N)
Duitsland en de Duits-Nederlandse betrekkingen (N)
Duitsland Fotoreportage
Duitsland Foto's
Duitsland Foto's (2)
Duitsland Foto's (3)
Duitsland Foto's (4)
Duitsland Foto's (5)
Duitsland Foto's (6)
Duitsland Holidaysites (N)
Duitsland Info (N)
Duitsland Internetwijzer (N)
Duitsland Jumppage (N)
Duitsland Minbuza (N)
Duitsland Nu (N)
Duitsland Reisbijbel (N)
Duitsland Reisfanaten (N)
Duitsland Reisforum (N)
Duitsland Reisfoto's
Duitsland Reisstart (N+E)
Duitsland Startnederland (N+E)
Duitsland Travelphotos
Duitsland Verzamelgids (N)
Duitsland Zappsite (N)
Fotoreportage Eifel (N)
Frankfurt Reisforum (N)
Frankfurt Reisstart (N+E)
Harz Reisforum (N)
Harz Reisstart (N)
Jeugdherberg Duitsland Pagina (N)
Lies & Teije's Reiswebsite (N+E)
Radio Duitsland
Recepten Duitsland (N)
Reisfotografie (N)
Reisverslag Berlijn (N+E)
Reisverslag Moezel (N)
Reizen In Beeld in Zuid-Duitsland
Romans over Duitsland (N)
Routeplanners Duitsland (D)
Startkabel Duitsland (N)
Starttips Duitsland (E+N)
Telefoongids Duitsland
Vakantie Berlijn Jouwpagina (N+E)
Vakantie Duitsland Jouwpagina (N+E)
Wereldreisgids Duitsland (N)
Willgoto Duitsland (N)
Hotels in DUITSLAND
Bronnen
Ayer, E.H. / Germany
Lucent Books, 1999
Egert-Romanowska, J. / Duitsland
Van Reemst, 2002
Europese Unie : vijftien landendocumentaties
Europees Platform voor het Nederlandse Onderwijs, 1998
Mark, D.F.W. van der / De Bondsrepubliek Duitsland voor en na 1990 : geschiedenis, politiek, economie en ruimtelijke ontwikkeling
Landensurveys, 1995
Tatsachen über Deutschland
laatst bijgewerkt mei 2008
Samensteller: Geert Willems