Landbouw, veehouderij, bosbouw en visserij
Het aandeel van de landbouw in het netto nationaal product is slechts gering. De bedrijven zijn klein en het klimaat is niet erg geschikt voor landbouw. De beste landbouwgebieden liggen in het zuidwesten. Haver is het belangrijkste graan, gevolgd door gerst, tarwe en rogge; andere producten zijn aardappelen en suikerbieten. De landbouwcoöperaties nemen een belangrijke plaats in binnen de agrarische sector. De overheid voert een actief beleid om enerzijds de graanproductie in noordelijke richting uit te breiden (nieuwe variëteiten) en anderzijds het landbouwareaal te vergroten door ontginning. De veehouderij is belangrijker dan de landbouw. Naar het noorden toe neemt de lengte van het groeiseizoen af daardoor neemt de veeteelt toe. Intensieve vormen van veeteelt (koeien en varkens) komen veel voor ten zuiden van Tampere en in de lager gelegen kustvlakten. Lapland heeft extensieve veeteelt in de vorm van rendieren. Deze dieren leveren vlees, melk en huiden. Door de ramp met de kernreactor in Tsjernobyl werden veel rendieren besmet en moesten afgemaakt worden. Het vlees was natuurlijk ongeschikt voor consumptie. Tuinbouw beperkt zich tot wat kasgewassen.
De bosbouw vormt nog steeds de basis van de Finse economie. Tweederde van het land is bedekt met bos. Boeren leveren hout aan scheepswerven en andere houtverwerkende industrieën. Meer dan een derde van de export bestaat uit kwalitatief uitstekende papiersoorten, meubels en geprefabriceerde huizen. Finland produceert ongeveer 44 miljoen kubieke meter hout en is daardoor, op Zweden na, de grootste houtproducent van West Europa.
De visserij kan de binnenlandse behoefte niet dekken. De zoetwatervisserij (zalm, forel, snoek, baars) is dan ook vooral een nevenwerkzaamheid. Mijnbouw
De Finse bodem bevat geen kolen en aardolie; turf is wel in grote hoeveelheden aanwezig en wordt gebruikt voor kleine elektriciteitscentrales. De belangrijkste mijnen liggen bij Outokumpu in het zuidoosten (vooral koper) en bij Otanmäki aan het Oulumeer in Midden Finland (ijzer). Er wordt ook nog wat nikkel, zink, zilver en goud gedolven, maar is van weinig betekenis. Industrie
De belangrijkste takken van industrie zijn de metaal- en elektroindustrie, gevolgd door de houtverwerking met als eindproducten o.a. papier en cellulose. Grote houtzagerijen komen voor bij o.a. Kotka, Oulu, Kemi en Hamina. De meubelindustrie is voornamelijk gevestigd te Helsinki, Turku en Lahti, houtpulp-, cellulose- en papierindustrie vooral bij Kotka, Kuusankoski en Varkaus. Sterk uitgebreid is de metaalindustrie (o.a. Helsinki, Turku en Tampere). De textielindustrie fabriceert voornamelijk katoen en rayon en is gevestigd in o.a. Tampere, Turku, en Vaasa. Beroemd om de grote technische vaardigheid en artistieke kwaliteit is de Finse glas- en aardewerkindustrie. Van enige betekenis is verder nog de levensmiddelenindustrie. Sinds 1990 is er nieuwe fase voor de Finse industrie begonnen; de achteruitgang! De toenmalige Sovjet Unie viel weg als leverancier van grondstoffen en als afnemer van Finse producten. De Finse scheepbouw kreeg de afgelopen jaren forse klappen te verwerken. Energievoorziening
Het aandeel van de eigen energiebronnen (waterkracht, hout en turf) in het totale energieverbruik daalde van ca. 45% in 1960 tot 30% in 1995. Finland is voor zijn energievoorziening sterk afhankelijk van Rusland, zowel voor wat de aardolie als wat het aardgas betreft. De vijf kernenergiecentrales leveren ca. 20% van de totale elektriciteitsproductie. Handel
De veranderde economische verhoudingen met de voormalige Sovjet Unie hebben grote invloed gehad op Finland als handelsland. De Finse industrie was voornamelijk gericht op het produceren van goederen voor de Sovjetmarkt. Die handel werd gevoerd volgens het "clearing systeem". Er was in feite sprake van ruilhandel; grondstoffen werden geruild tegen papier, machines en schepen. Dit leverde Finland veel voordeel op omdat de Sovjet Unie in verhouding steeds meer moest betalen voor de Finse producten. In 1988 werd dit systeem afgeschaft en moest voortaan betaald worden in harde valuta. Door het grote gebrek aan harde valuta was de Sovjet Unie niet meer in staat de Finse invoer te betalen. Belangrijk gevolg hiervan was natuurlijk een sterke daling van de export.
De handelsbalans vertoont sinds 1984 een groot overschot. Belangrijkste exportartikelen zijn papier, cellulose, celstofproducten, hout en houtproducten, glas, keramiek, textiel, machines en schepen. Ingevoerd worden o.a. machines, elektrische apparatuur, auto's, chemische producten, olie, ijzer en staal. De belangrijkste handelspartners zijn Duitsland, Zweden, Groot-Brittannië en Japan. Het Finse bedrijfsleven richt zich meer en meer op de West-Europese markt (45% van de totale handel). Verkeer
Jarenlang waren de rivieren en meren de hoofdtransportaders in Finland. Pas vanaf 1500 werd er begonnen met de aanleg van een wegennet. In het huidige Finland is de scheepvaart nog steeds het belangrijkste vervoermiddel. Zo'n tachtig procent van het goederentransport vindt plaats met zeeschepen.
Het personenverkeer gaat voornamelijk over zee of door de lucht. In het noorden is er een spoorwegverbinding met Zweden en in het zuidoosten met Rusland. De totale lengte van het spoorwegnet is ca. 6000 km. Voor het goederenvervoer (vooral van hout) is de binnenvaart niet onbelangrijk. De totale lengte van de vaarwegen bedraagt ca. 9200 km. De Finse luchtvaartmaatschappij Finnair onderhoudt lijndiensten op ca. 25 binnenlandse bestemmingen en ca. 34 steden in Europa, het Midden-Oosten, Zuidoost-Azië en Noord-Amerika. Veerdiensten zorgen voor verbindingen met Zweden, Denemarken, Duitsland, Polen, Engeland en Frankrijk. De belangrijke zeehavens zijn o.a. Helsinki, Turku en Oulu. Met ijsbrekers worden sommige havens aan de Botnische Golf 's winters opengehouden.
Toerisme
De geïsoleerde ligging zorgt ervoor dat Finland vanuit Europa niet veel toeristen te verwerken krijgt. De meeste toeristen komen uit de buurlanden. Het zuidelijke deel van Finland heeft het meest te bieden op het gebied van historie, cultuur en kunst. Het noordelijke deel is het gebied van de prachtige ongerepte natuur.
Dé toeristische trekpleister van Finland vormen echter de tienduizenden meren en eilanden, die men o.a. per boot kan bezoeken. Andere bezienswaardigheden op natuurgebied zijn het scherenlandschap van de archipel van Turku, de nationale parken, de heuvelkam Punkaharju in het merengebied Saimaa en de Ålandeilanden in de Oostzee. Ook Lapland is toeristisch met rendiersafari's en natuurtrektochten.
De toeristisch interessantste steden van Finland zijn Turku, Helsinki, Porvoo en Tampere. Behalve in Turku zijn in Hämeenlinna en Savonlinna middeleeuwse kastelen te zien. Oude laat-middeleeuwse stenen en houten kerken vindt men in vele stadjes en dorpen in Zuid- en West-Finland.
Finland is ook beroemd om zijn moderne architectuur. Zeer gewaagde vormgeving hebben vele nieuwe kerken, o.a in Tampere. Mooie staaltjes van moderne stedenbouw zijn Tapiola en de universiteitsstad Otaniemi.
De belangrijkste musea zijn die van Helsinki (o.a. het Nationaal Museum van Finland en het kunstmuseum Ateneum). In Kuopio is een museum betreffende de Fins-Orthodoxe Kerk. De cultuur van de Lappen kan men bekijken in het openluchtmuseum van Inari.
Een groot sportcentrum is Lahti, bekend van o.a. schansspringen en alternatieve elfstedentochten. Het platteland van Finland kent een oude en rijke boerencultuur. Vele oude volksgebruiken en -feesten worden nog steeds gehouden.
Er is een zeer rijke muziekcultuur, die tot uiting komt in o.a. koorfestivals. Alle grote steden in Finland hebben hun eigen zomerfestival. Het bekendst is het jaarlijkse Helsinki-festival. Daarnaast zijn belangrijk het Savonlinna Opera Festival, Pori Jazz en het Volksmuziekfestival Kaustinen.
• Helsinki Hotels
• Autohuur Finland
• Finland Hotels
| Lahti | Porvoo | Tampere | Yli-Ii |
| Naantali | Imatra | Järvenpää | Oulu |
| Vaasa | Kempele | Vantaa | Saariselka |
| Espoo | Kangasala | Lappeenranta | Helsinki |
| Kuopio | Rovaniemi | Turku | Riihimäki |
| Alle Hotels in FINLAND | |||
Encarta '98
Schaap, D. / Finland
Tuovinen, E. / Finland
www.cia.gov
Europese Unie: Europees Platform voor het Nederlandse Onderwijs, 1998
ANWB, 1994
Gottmer, 1996