| Tumani tenda |
Gambia is sinds 26 april 1970 een republiek met als staatshoofd een president die tevens regeringsleider is. Gambia kent één kamer (National Assembly) met 45 leden die voor vijf jaar door het volk gekozen worden. Dat zijn er evenveel als er administratieve gebieden (45) zijn. De National Assembly wordt verder uitgebreid met acht leden die geen stemrecht hebben: de minister van justitie, een voorzitter, een plaatsvervangend voorzitter en vijf plaatsvervangende leden. Ook zitten er nog vijf districtshoofden (Chiefs) in de National Assembly.
In 1964 werden er voor de eerste keer algemene verkiezingen gehouden. De verkiezingen worden net als in Engeland volgens eens districtenstelsel gehouden. Gambia is bestuurlijk ingedeeld in zes “divisions” (provincies). Deze zijn weer onderverdeeld in 45 districten.
Iets meer dan een kwart van de bevolking heeft een school afgemaakt. Een veel groter percentage kan lezen en schrijven. Er bestaat geen leerplicht, en het geeft ook niet wanneer kinderen voor het eerst naar school gaan. Meestal op vijf- of zesjarige leeftijd. Een vervolgopleiding wordt maar door 25% van de kinderen op het platteland gevolgd. Het zes jaar durende lager onderwijs is gratis. Het is verplicht om een schooluniform te dragen, waarvan de kosten betaald moeten worden door de ouders. Er zijn zowel particuliere scholen als scholen gefinancierd door de overheid. Op de veelal islamitische scholen wordt de koran onderwezen, en daarom is het volgen van lessen Arabisch verplicht.
Derksen, G. / Gambia, Senegal Hesseling, G. / Senegal/Gambia : mensen, politiek, economie, cultuur Waard, P. de / Reishandboek Gambia
Gottmer, 1997
Koninklijk Instituut voor de Tropen, 1996
Elmar, 1999