|
Gemaakt op: 22-08-2011 Laatste wijziging: 23-08-2011 |
|
Uitzicht op Faröer eilanden
Op weg naar de waterval Dettifoss
Geiser Strokkur vlak voor uitbarsting
Rivieroversteek op weg naar Lakigigar
Tekst en foto's: Roel en José Moberts
Reistijd: juni 2002 Al bijna acht jaar verzamelden wij (Roel en José) informatie over IJsland. Toch kwam het er nooit van de oversteek daadwerkelijk te wagen. Toen we op een gegeven moment de aankondiging zagen van een groepsreis in juni 2002 met de caravan hakten we in één dag de knoop door: dit was de ideale manier om de reis te maken. Er zijn twee manieren om op IJsland te komen: vliegen of varen. In het eerste geval zouden we de auto-caravancombinatie vanuit Rotterdam verschepen en deze in Reykjavik weer ophalen. Wij gingen echter per boot vanuit Hanstholm (Denemarken) naar Seydisfjordur aan de oostkust van IJsland. Aan deze boottocht naar IJsland is een extraatje verbonden in de vorm van een tweedaags verblijf op de Faeröer, een Deense groep eilanden in de Atlantische oceaan. Het perfecte wegennet van dit eilandenrijk maakt het mogelijk in twee dagen een goede indruk te krijgen van de kleurige dorpjes en prachtige natuur op de achttien rotspunten waar de Faeröer uit bestaan. De bootreis duurt op de heenreis drie nachten en een hele dag (onderbroken door het verblijf op de Faeröer). Deze tijd wordt door de meeste reizigers benut om hun reis op IJsland verder te plannen en ervaringen en ideeën met anderen uit te wisselen. De sfeer aan boord is heel rustig, zelfs de nachtclub aan boord werd voornamelijk gebruikt om te lezen. Nadat we in IJsland van boord kwamen beleefden we nog een paar spannende momenten bij de douane. Het invoeren van levensmiddelen is beperkt tot drie kilo per persoon en gezien de sterke verhalen over de prijzen van levensmiddelen hadden we heel wat meer verstopt in onze caravan. De douaniers (overgevlogen uit Reykjavik) waren in grote getale aanwezig. Alle auto’s en caravans werden grondig gecontroleerd. Gelukkig hielden ze het bij een blik in de linnenkast, toiletruimte en onder het bed. Achteraf hoorden wij dat het personeel van de boot wist dat er illegalen aan boord zaten maar niet wisten waar en hoeveel; daar waren ze dus naar op zoek! Een eerste bezoek aan een supermarkt maakte echter al duidelijk dat het meenemen van veel levensmiddelen niet echt nodig was. Alles is te koop en van uitstekende kwaliteit, weliswaar tegen Scandinavische prijzen, maar niet zo extreem als wel beweerd wordt in de boekjes. Wel zijn de kampwinkels erg duur. De eerste kilometers weg op IJsland waren van uitstekende (asfalt)kwaliteit maar al snel maakten we kennis met het echte IJslandse wegennet; soms behoorlijk steil en maar weinig asfalt. Grote stukken van de ringweg aan de oostkant van het eiland zijn onverhard en bestaan uit steenslag. De kwaliteit is zeer wisselend en steeds weer een verrassing. Het stof op de wegen kroop in alle hoekjes van de auto en de caravan. Zelfs het afplakken van alle luchtgaten in de caravan met tape hielp niet om de caravan schoon te houden. Het Noorden - Myvatn Hier komt de aardwarmte aan de oppervlakte. Het pruttelt en stoomt hier uit de grond. Het stinkt naar zwavel maar de prachtige kleuren rond de fumarolen en sulfatoren en het prachtige uitzicht maken het ruimschoots goed. Onder de lava komen verschillende warme waterstromen vandaan, waar dit hete water (80 graden) samenvloeit met koude stromen ontstaan heerlijke badplaatsjes. Ondanks regen en kou loopt men hier dus in badkleding. We trokken een dag uit voor het Jökulsárgljúfur natuurpark. Hier bevinden zich op korte afstand van elkaar een groot aantal indrukwekkende natuurverschijnselen. De grootste waterval van Europa, de Dettifoss vervalt hier 44 meter met donderend geraas. Het water is grijs van kleur door de enorme hoeveelheid puin die de rivier naar zee vervoert. Een paar kilometer verder stroomafwaarts bevinden zich de Hljódaklettar, de restanten van een aantal vulkanen. De omhullingen zijn weggeërodeerd waardoor de kernen als bulten in het landschap zichtbaar zijn. Het basalt heeft prachtige rozetvormen aangenomen, weer kijken we onze ogen uit. In het noorden van het natuurpark bevindt zich de Ásbyrgi kloof. Dit is een hoefijzervormige kloof met wanden die honderd meter steil rijzen. Vermoeiend was het rijden op de zogenaamde wasborden. Zonder caravan was een snelheid van 50 à 60 kilometer per uur overigens de ideale oplossing om over de wasborden te “vliegen”, alhoewel het soms een kunst is om met zo’n snelheid de onverwachte gaten in de weg te omzeilen. Vermoeiend was het rijden op de zogenaamde wasborden. Zonder caravan was een snelheid van 50 a 60 kilometer per uur overigens de ideale oplossing om over de wasborden te “vliegen”, alhoewel het soms een kunst is om met zo’n snelheid de onverwachte gaten in de weg te omzeilen. De reis gaat verder via Reykjavik naar het binnenland en wordt afgesloten in het zuiden van IJsland. Lees het volledige verslag op: Reisimpressies.eu - Met de caravan naar IJsland |
IJSLAND LINKS
Advertenties
• IJsland Hotels
• TravelTroef.nl - Vakantie in IJsland
• De Jong Intra - IJsland
• Sundowner.nl - IJsland reizen
• iReisbureau.nl: Uw reis op een presenteerblaadje
• Zoover.nl Vakantiebeoordelingen