Madagaskar is een van de armste landen ter wereld, waar bijna 80% van de bevolking van de landbouw leeft. Ook de export bestaat voor 80% uit agrarische producten. De economie groeit erg traag door o.a. corruptie, lage wereldhandelsprijzen, slechte infrastructuur, geïsoleerde ligging, geringe koopkracht van de bevolking en natuurrampen. Het bruto nationaal product per hoofd van de bevolking bedraagt op dit moment slechts 780 dollar per jaar. Ongeveer 72% van de bevolking leeft onder de armoedegrens. In het droge zuiden komt zelfs hongersnood voor.
In 1998 ontving Madagaskar 800 miljoen dollar uit het buitenland en staat daarmee volgens de Wereldbank als twaalfde op de lijst van “meest geholpen landen” en vijfde op de lijst van “meest afhankelijke landen”. De economische schuld bedroeg in 1999 vijf miljard dollar. De privé- sector groeide in 1998/1999 met tien procent en maakt op dit moment al 20% van het bnp uit. In 1994 groeide de economie met vijf procent en bleef de inflatie beperkt. Toch zal de economie nog harder moeten gaan groeien wil de Madagassische bevolking er dírect van profiteren. Ten opzichte van het buitenland houdt Madagaskar sinds enkele jaren een opendeurpolitiek, dat wil zeggen dat elk land Madagaskar in mag komen om te investeren.
Ondanks de grote hoeveelheid vee, vooral van belang als statussymbool, heeft de veehouderij bijna geen economische waarde. De veehouders zijn half-nomaden. De weidegrond wordt inefficiënt gebruikt. Er worden met name zeboes gehouden, en verder runderen, varkens, schapen, geiten en kippen. Zeboes worden voornamelijk gehouden door de Antandroy-stam en de Mahafaly-stam uit het zuiden en de Bahalava-stam uit het westen. De zeboes zijn bijna heilige dieren, die alleen geslacht en gegeten worden tijdens sociale en religieuze feesten. Er zijn in Madagaskar bijna net zoveel zeboes als mensen.
De Fransen hebben tevergeefs geprobeerd van de Madagassische boeren moderne veehouders te maken met runderen uit Europa, maar dat is niet gelukt. De Madagassiërs hielden liever vast aan de zeboes.
In 1998 bedroeg de export van vis bijna 30.000 ton. Debet hieraan is de tonijn- en garnalenproductie, die in korte tijd verdriedubbeld is. Tachtig procent van de visexport gaat naar Europese landen. Met name de Vezo-stam zijn echte vissers, vaak nog op traditionele wijze.
Sinds 1986 bestaat er een verdrag met de Europese Unie over visvangst door EU- landen in de Madagassische wateren in ruil voor betaling.
De handelsbalans vertoont nog steeds een fors tekort. Met een zeer terughoudende importpolitiek probeert men het nadelig saldo te beperken. Ingevoerd worden voedingsmiddelen (vooral rijst), aardolie, machines en transportmiddelen. In 1998 werd ervoor $881 miljoen geïmporteerd uit met name Frankrijk en verder de Verenigde Staten, Duitsland, Japan en Groot-Brittannië. De voornaamste uitvoerproducten zijn koffie, kruidnagelen, vanille en garnalen. In 1998 werd er voor $600 miljoen geëxporteerd naar met name Frankrijk en verder Hongkong, Japan, China en Singapore.
De industrie is hoofdzakelijk op de binnenlandse markt georiënteerd, slechts ongeveer 6% van de beroepsbevolking is werkzaam in deze sector. De meeste bedrijven verwerken agrarische producten, zoals rijst, tabak, koffie en katoen. De suiker- en vleesverwerkende industrieën produceren voor de export. De vlees- en ook de kipindustrie heeft echter ernstig te lijden onder het protectionistische beleid van Europa. Madagaskar ging op een gegeven moment zelfs kippen uit Europa importeren. De exploitatie van aanwezige olievoorraden is tot nog toe niet van de grond gekomen. Andere belangrijke industrieën zijn de cement- en kunstmestindustrie. Vanaf 1979 leende Madagaskar miljarden in het buitenland voor de opbouw van de industrie. Door slecht management en onnodige prestigeprojecten leverden die investeringen al snel niets op. Er hebben zich de laatste jaren wél ongeveer 400 Franse bedrijven op Madagaskar gevestigd.
Madagaskar heeft zijn hoop gevestigd op de toename van het toerisme. In 1999 kwamen er ongeveer 200.000 toeristen naar het eiland, goed voor ongeveer 165 miljoen gulden aan buitenlandse valuta. Er werken op dit moment zo’n 15.000 mensen in de toeristische sector. Toch zal er nog veel moeten gebeuren om het streven naar 700.000 bezoekers in 2010 te halen. In het hoogseizoen dreigt er nu al een tekort aan hotelkamers en in veel kleinere plaatsen zijn helemaal geen voorzieningen. Verder is het vervoer per bus, trein en taxi onbetrouwbaar en soms erg gevaarlijk.
Positief is dat enkele Franse hotelketens op dit moment investeren in luxe onderkomens aan de kust.
• Afrika.nl – de beste vliegtickets en hotels op Madagascar boek je op Afrika.nl
| mei 2008 info | Madagascar in Vogelvlucht |
Bradt, H. / Madagascar Greenway, P. / Madagascar & Comoros Lanting, F. / Madagascar : een wereld verdwaald in de tijd Rozeboom, A. / Madagaskar: mensen, politiek, economie, cultuur, milieu Stevens, R. / Madagascar
Bradt, 1999
Lonely Planet, 1997
Fragment, 1990
Koninklijk Instituut voor de Tropen/Novib, 2000
Chelsea House Publishers, 1999