![]() | Klimaat, goede irrigatietechnieken en het afwisselende landschap zorgen voor een verassend gevarieerde flora in Oman. Opvallendste verschijning in Oman is de dadelpalm. De dadels dienen als voedsel voor mens en dier. Nu zijn de meeste dadels voor eigen gebruik of voor de binnenlandse markt. Vroeger waren ze een belangrijk exportproduct. Ook de stam en de bladeren van de dadelpalm worden gebruikt. De wierookboom komt vanwege het klimaat en de bodemgesteldheid alleen in Zuid- Oman voor. De wierook is het gedroogde hars van de wierookboom en is in deze regio van uitstekende kwaliteit. Vele soorten fruit worden verbouwd: o.a. citrusvruchten, aardbeien, vijgen, dadels, papaya’s, mango’s, bananen en meloenen. Hetzelfde geldt voor groente en graan: o.a. tomaten, aubergines, maïs en gerst. Wilde gewassen zijn o.a. acacia’s en oleanders. Deze twee groeien met name in de buurt van wadi’s, aan de voet van de bergen. Het rijke bloemenleven in de woestijn is pas na een regenbui goed te zien. Bloemen die algemeen voorkomen zijn het driekleurig viooltje, de sleutelbloem en een kleine soort paardebloem. Met name in de Wahiba- woestijn komen de tot 10 meter hoge ghaf-bomen voor. In het zuidelijke Dhofar groeit nog de surghat-boom. In de zeearmen en lagunes aan de kust groeien mangrovebomen. De aanvankelijk in Oman uitgestorven oryx is na een succesvol verlopen project weer te zien in de Omaanse natuur. Het aantal wilde exemplaren van de bijzondere gazelle wordt nu op 350 geschat. O.a. in de Sharqiya-regio leeft een ander bijzonder dier, de Arabische Tahr, een soort berggeit die alleen nog in Oman en de VAE voorkomt. De Nubische ibex, ook een soort geit, komt alleen in Zuid-Oman voor. |
![]() |
| Dibba | Khasab | Muscat | Sur |
| Ghul | Barka | Sohar | Salalah |
| Alle Hotels in OMAN | |||
Callan, L. / Oman & United Arab Emirates Foster, L.M. / Oman Medani Elsayed, M. / Reishandboek Oman en de Verenigde Arabische Emiraten Van Deuren, G. / Oman, Verenigde Arabische Emiraten
Lonely Planet, 2000
Children’s Press, 1999
Elmar, 1999
Gottmer/Becht, 1999