Het noordelijkste gedeelte van Zuid-Korea is het koudste. In dit gebied vind je vooral veel beuken, berken, sparren, lariksen, eiken en pijnbomen.
Ook verder naar het zuiden domineren bomen het gebied. Door het warmere klimaat in het meest zuidelijke deel van het land is de vegetatie daar erg weelderig.
Dieren
Het grootste dier is de Koreaanse zwarte beer. Deze wordt regelmatig gesignaleerd in de grote nationale parken. De Siberische tijgers die vroeger veel in het land aanwezig waren, zijn er niet meer. Er zijn 379 soorten vogels, hieronder bevinden zich 266 trekvogels.